Bitringen

De inwerking van een bit wordt mede bepaald door het type bitring dat gekozen wordt. Een bitring is een ring die door het mondstuk gaat of er mee geïntegreerd is en die verbonden is aan de bakstukken en de teugels. Ze zijn er in vele soorten en maten.

Als algemene regel wordt gesteld, dat hoe groter de bitringen zijn, hoe meer druk per mm² zijdelings verdeeld wordt over de wangen/zijkant van het hoofd. Hoe kleiner ze zijn hoe meer druk er op een kleiner oppervlak overgebracht wordt.

Welk type bitring door een paard als prettig ervaren wordt is veelal een kwestie van uitproberen. Ieder type heeft namelijk zijn voor- en nadelen.

Hieronder zie je 13 typen bitringen die voorkomen, je kunt klikken op één van de typen voor meer informatie.

Losse bitring

img821936850

Losse bitringen, zoals de watertrens, laten het bit vrijer bewegen in de paardenmond wat sommige paarden prettiger vinden. Dit bit moet iets breder zijn dan de bustrens en kan worden voorzien van rubberen bitringen, waardoor de velletjes van de lippen niet ingeklemd kunnen raken.

Bijschrift: het exact opmeten van het mondstuk van een watertrens, wordt dikwijls fout gedaan. Bij bijvoorbeeld een bustrens kan inderdaad worden volstaan door te meten tussen de bitringen in, maar bij een watertrens ligt dat anders. Omdat de bitringen probleemloos horen te draaien naast de paardenmond, is het van belang dat er enkele mm’s ruimte zit tussen de lippen en de bitringen, daarom wordt de watertrens niet gemeten tussen de bitringen in, maar enkele mm’s daarnaast, zoals de foto aangeeft.

Ovale bitring (busring)

SONY DSC

Bij ovale bitringen (bus-ring), zoals de bustrens is het mondstuk ingepast om te voorkomen dat de lippen ingeklemd kunnen raken. Door de vaste bitringen ligt het bit relatief stil in de mond. Een interessante variant vormt de hulstrens, een trens die de beweeglijkheid van de water- en bustrens combineert.

D-ringen

Dring

Bitringen in de vorm van een “D”, worden D-trenzen of D-rings genoemd. De D-ring zorgt er voor dat het mondstuk ten opzichte van de watertrens stabiel en rustig in de mond ligt. Door de grote bitringen, wordt de teugeldruk over een groter wang oppervlak (per mm²) verdeelt ten opzichte van de watertrens. Met andere woorden, t.o.v. de watertrens werkt de D-ring met meer zijdelingse druk. 

Staafjes dwars op het mondstuk (knevels)

Kneveltrens

Bitringen die staafjes hebben dwars op het mondstuk (knevels), zoals de kneveltrens, kunnen voor twee doeleinden handig zijn: voor het beleren van het jonge paard (door middel van zijdelingse druk op het paardenhoofd) of bij pittige paarden zodat voorkomen wordt dat het bit door de mond getrokken wordt, bijvoorbeeld bij springconcoursen. Voor welk doel het bit ook gebruikt wordt, de kneveltrens zorgt ervoor dat het bit rustig en stabiel in de paardenmond ligt, wat vaak gemist wordt bij bijvoorbeeld de watertrens.

Er zijn twee versies, namelijk diegene met aparte knevels of diegene waarbij ze geïntegreerd zijn in de bitring. Bij de eerste zie je een stangetje dwars op het mondstuk geplaatst met daarachter de ring (Fulmer kneveltrens). Bij de tweede variant lijkt het op een bustrens waarbij de ‘busjes’ verlengd zijn (gewone kneveltrens), deze bestaat dan ook weer in een variant met halve knevels. De Fulmer kneveltrens zorgt voor meer druk per mm² in de paardenmond ten opzichte van de normale variant.

Tot slot kan er gebruik worden gemaakt van knevelriempjes. Dit zijn leren lusjes die de knevels vastzetten aan het bakstuk. Ze zorgen ervoor dat het bit nog stiller in de mond ligt, maar hebben als nadeel dat er meer druk ontstaat. Deze extra druk ontstaat doordat het mondstuk nu “vast” ligt in de paardenmond. Normaal gesproken, als de teugels worden aangenomen, zal het gebroken mondstuk van het gehemlte wegdraaien om zo druk te geven op de tong, de mondhoeken en de lagen. Als het mondstuk nu vast ligt, dan wordt het gehemlte er ook bij betrokken (net als bij de Baucher bitringen (hangende trensen)).

Baucher bitring

baucher

Bitringen waar boven op de bitring een staafje met een klein ringetje zit (Baucher-ringen), zien we bij voornamelijk de Filet Baucher trens. Aan deze kleinere ringetjes worden de bakstukken bevestigd en aan de bitring de teugels. Bitten met deze bitringen ‘hangen’ als ware in de mond en kunnen zo de lagen en de tong ontzien. Dit heeft als nadeel dat de scharnieren van enkel- en dubbelgebroken mondstukken onophoudelijk tegen het gehemelte aanliggen. Nog een nadeel is dat het mondstuk bij de Baucher-ringen vastligt, het paard kan dus beperkt met zijn tong het mondstuk verplaatsen.

Op de rechter foto staat een variant op de Bauchter-ringen: deze kan ook ‘anders om’ gebruikt worden; namelijk dat de teugels door het gleufje heen gaan in plaats van de bakstukken.

"Scharen"

scharenbitten

Een variant op bovenstaande bitringen, zijn diegene waar de bitringen als ware vervangen zijn door scharen (hefbomen).

Hier zijn enorm veel variaties op, maar bepaalde zaken hebben ze gemeen:
– Ze hebben allemaal, in min of meerdere mate, een hefboomwerking;
– Als algemene regel geldt dat hoe langer en rechter de scharen zijn, hoe meer de druk verveelvoudigd op het paard over wordt gebracht;
– Over het algemeen worden scharenbitten met een kinketting/kinriem gebruikt (een paar scharenbitten uitgezonderd);
– De algemene inwerking van scharenbitten resulteert in: druk achter in de nek, in de kingroeve en in de mondhoeken. Per mondstuk verschilt de precieze werking in de mond;
– Als het mondstuk en de scharen één geheel vormen dan rolt het mondstuk mee in de mond van het paard wanneer de teugels aangenomen worden;
– Als de schaar om het mondstuk heen kan draaien (verticaal) dan blijft het mondstuk stil liggen in de mond terwijl de verdere hefboomwerking wel optreedt;
– De schaar kan ook vast zitten in het mondstuk en rondjes om zijn eigen as draaien (horizontaal), dit wordt onder andere gezien bij scharenbitten die een pompwerking hebben. Dit wordt echter ook gezien bij scharenbitten die geen pompwerking hebben en hiervan is het voordeel bij de auteur van deze website momentel nog onbekend;
– De schaar kan tot slot ook als een ‘watertrens-ring’ aan het mondstuk bevestigd worden waardoor er een ophaalfunctie verkregen wordt;

Deze bitten hebben zeer uiteenlopende vormen en doeleinden. Enkele voorbeelden zijn de: Thiedemanstang, Pelham, westernshanks, hangende trenzen en de pessoa’s.

Weetje: De eerste stangen dateren van rond de vierde eeuw voor Christus.

Losse bitringen die gebruikt worden in combinatie met ophaalriempjes (ophaalbitring)

Ophaaltrens

Om meer controle te verkrijgen, zijn er losse bitringen die gebruikt worden in combinatie met ophaalriempjes, zoals bij de ophaaltrenzen. De basis van de werking is gelijk aan die van losse bitringen, met het verschil dat de ophaalriempjes als een soort lift werken. Deze riempjes worden namelijk aan de bakstukken én aan de teugels bevestigd. Bij aannemen van de teugels glijdt het bit omhoog in de mond, hierdoor werkt dit bit ook in de mondhoeken en in de nek in.

Bitringen die meerdere opties bieden wat betreft de bevestiging van de teugels en bakstukken

SONY DSC

Dan zijn er nog de bitringen die meerdere opties bieden wat betreft de bevestiging van de teugels en bakstukken, zoals de Yankee. Door de diverse mogelijkheden hierin, kan er in meer of mindere mate een hefboomwerking verkregen worden. Deze bitringen vallen eigenlijk voor een deel onder de scharenbitten.

Dubbele bitringen bij een watertrens

SONY DSC

Hiervan is de oorspronkelijke benaming het Wilsonbit, maar er wordt ook vaak gesproken van de vierringstrens. Het bestaat uit een set dubbele bitringen in combinatie met een watertrens. Dit bit wordt onder andere bij de men- en drafsport gebruikt. De binnenste bitringen worden bevestigd aan de bakstukken en de buitenste aan de teugels. Bij het aannemen van een teugel, wordt de losse ring aan de andere kant tegen het hoofd geduwd en geeft zo aan die kant extra druk. Bij het aannemen van beide teugels ontstaat er achter de oren druk.

Rocking S Snaffle Bits

RockinSSnaffle

Hoewel ze op dit moment nog niet vaak in Nederland gezien worden, groeit de interesse naar dit soort bitringen gestaag. De Rockin S Snaffle Bits hebben aangepaste bitringen die ervoor zorgen dat het mondstuk stabiel in de paardenmond ligt, tevens verduidelijkt het de zijwaartse hulpen. Het combineert als ware de Filet Baucher, D-trens en Circle Cheek tot één bit.

Circle Cheek/ Cartwheel/ Swivel

SONY DSC

De Circle Cheek bitringen zorgen net als de Rockin S Snaffle Bits ervor dat het mondstuk stabiel in de paardenmond blijft liggen. Het verduidelijkt daarnaast de zijdelingse hulpen van de ruiter. De bakstukken worden bevestigd aan de bovenste gleuf. De ruiter kan kiezen of de teugels aan de grote bitring bevestigd worden zodat er geen hefboomwerking optreedt, of aan de onderste sleuf, dan treedt er wel hefboomwerking op. Vooral bij laatst genoemde methode heeft het bit ook overeenkomsten met een ophaaltrens.

Door deze eigenschappen kan de ruiter er ook voor kiezen om met twee teugels te rijden: hierdoor kan hij indien nodig de zwaardere inwerking inzetten en anders alleen de milde.

Ringbit I

162

Dit soort type bitringen, ook wel “Dexter Ring Bit” genoemd ziet men voornamelijk in de draf- en rensport. Bij veel druk op bit komt de ring hoger in de mond te liggen waardoor het paard zijn tong niet meer over het mondstuk heen kan leggen. Tevens zal deze ring in het gehemelte duwen en wordt de onderkaak beklemd. Dexter ringbitten zijn er in verschillende soorten: de (halve) knevel-, bus- en D-trens uitvoeringen komen voor.

Ringbit II

198

Deze ringbitten zijn een geval apart voor wat betreft de mondstukken en bitringen. Daarom worden ze uitgebreid besproken op deze pagina.